Praktische en mentale steun belteam door Deventer ondernemers zeer gewaardeerd

Vanuit het Ondernemershuis Deventer benadert een belteam van zeven bedrijfsadviseurs sinds anderhalve maand actief zelfstandig ondernemers uit de gemeente. Doel is ze in deze lastige tijd een luisterend oor te bieden, te ondersteunen en te begeleiden. De belteamleden zijn zelf ook ondernemers.

Volgens Ondernemershuis-directeur Alfred Liefers zijn er inmiddels met een kleine 400 ondernemers gesprekken gevoerd. Hij verwacht dat dit aantal de komende weken oploopt tot circa 1500. De reacties op dit door de gemeente mogelijk gemaakte initiatief zijn zeer positief.

Steven van ’t Oost beaamt dit. Hij is eigenaar en beheerder van De Kantine op het terrein van De Gasfabriek waar ook het Ondernemershuis zit. “Als je voor een gesprek wordt benaderd en merkt dat mensen bereid zijn met je mee te denken als je tegen bepaalde punten aanloopt, is dat altijd goed. Daarnaast voel ik ook frustratie vanuit het perspectief dat je het gaaf vindt je eigen bedrijf te voeren en dat je wordt gedwongen een x-periode dicht te zijn. Dan is het fijn dat je die frustratie kunt uiten en dat de adviseur zegt: ‘joh je bent niet de enige’.”

Overheidsregelingen

Bas van Roosmalen, de in Looërmark wonende eigenaar van Multi-activiteitencentrum Pitch&Putt Bussloo, sprak onlangs met het belteam. “Ik vond dit fijn, omdat ik zo kon controleren of we alle overheidsregelingen hadden meegenomen. Dit bleek het geval, maar ik denk dat veel andere ondernemers heel veel geld hebben laten liggen.”

Zelf is Bas verbolgen over het mislopen van ‘tienduizenden euro’s’. “Juni is bij ons de drukste maand, maar door corona was juni 2020 een drama. We liepen alle bedrijfsuitjes mis. Ik had een TVL-regeling (Tegemoetkoming Vaste Lasten, red.) aangevraagd. Die kreeg ik niet omdat ik per kwartaal en niet maandelijks aangifte doe. Afgezet tegen april, mei en juni in 2019 had ik vorig jaar in dezelfde periode net te weinig omzetverlies geleden. Ik vind dit willekeur en onrecht.”

Coach

Bas heeft het contact met het belteam ook als een stuk morele steun ervaren. “In één keer heb je geen geld meer om je personeel te kunnen betalen. Dan is het fijn dat je merkt dat je er niet alleen voor staat en een coach kunt krijgen.”

Danny Smits is van beroep trainingsacteur (“ik speel rollenspelen bij bedrijven”) en geeft cursussen improvisatietheater in Deventer, Amersfoort en Zwolle. Beide takken van sport liggen door corona nagenoeg stil.

Sinds begin maart werkt Danny parttime bij het Ondernemershuis als lid van het belteam. Dit betaalde werk is zeer welkom omdat zijn normale inkomen door corona geheel was weggevallen. Zijn vrouw verdient 1563 euro, net boven de Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) -drempel. Danny komt voor geen enkel steunpakket in aanmerking en dit stemt hem niet vrolijk.

Dezelfde taal

Uit de gesprekken met collega-ondernemers haalt Danny positieve energie: “Doordat je meteen kunt zeggen, ik ben zelf ook ondernemer en ik snap met welke problemen je zit, kom je snel tot elkaar. Je spreekt ook dezelfde taal. Ik vind het heel leuk uit te zoeken waar iemand behoefte aan heeft en wat ik voor hem of haar kan betekenen. Bovendien kan een ondernemer een keer zijn of haar verhaal doen en merken dat hij of zij wel wordt gezien.”

Voor alle ondernemers geldt volgens Steven dat zij het ‘uiteindelijk toch zelf moeten zien te fixen’. Dit neemt niet weg dat hij - en velen met hem - de adviezen en hulp van het belteam erg waardeert. Kijk voor meer informatie over de ondersteuningsmogelijkheden op: www.ondernemershuis-deventer.nl

Belang van stageplekken

Steven van ’t Oost en Bas van Roosmalen roepen collega’s op ondanks alle moeilijkheden juist nu stageplekken te creëren. “Sinds een maand of acht, negen halen we ze massaal naar ons bedrijf. Er lopen nu zes stagiairs. We moeten zorgen dat deze jongeren doorkunnen in het leven”, zegt Bas. Steven heeft vier stagiairs waarvoor hij geregeld geforceerd werk moet zoeken: “Maar ik heb liever dat iemand actief is en dingen leert, dan dat diegene thuiszit.”

Door Rudi Hofman.